De gevallen kaars

De gevallen kaars
14 november 2009 admin

Je stond daar op de tafel.
Met je warme gouden vlam.
En kleine drupjes marmer.
Vallend op het blinkend zilver.

Maar daar kwam de kinderhand.
Nieuwsgierig naar de warmte.
En de prachtige marmer drupjes.
Op het glimmend, blinkend zilver.

Tranen huilde het kind.
En jij viel van de tafel.
Met kleine drupjes marmer.
Vallend op de houten vloer.

Gouden vlammen verspreiden.
Om het bang en huilend kind.
En machteloos ligt de kaars,
met marmeren tranen huilend.

De gouden warmte vangt het kind.
Kan zicht niet meer verzetten.
De tranen stoppen, het huilend dempt.
In de schaduw van de vlammen.

Plots veel zilveren diamanten.
In hun gevecht tegen het goud.
De warmte laat zich snel verkoelen.
Laat los, de kinderhand.

En jij stond op de tafel.
Met je warme gouden vlam.
En kleine drupjes marmer.
Vallend op het blinkend zilver.

Maar daar kwam de kinderhand.
Nieuwsgierig naar de warmte.
En de prachtig marmer tranen,
huilend om het kleine kind.