Toekomst

Toekomst
10 oktober 2008 admin

De bladeren die altijd vallen.
Met groene randen omlijnt.
Vallen wanneer de zon schijnt.
Of wanneer hij plots verdwijnt,
en hij een stap terug deint.
Of in grootte sterk verkleind.
Maar de bladeren blijven vallen.

De druppels zullen steeds de grond raken.
Ook al is het prachtig weer.
En regent het nooit een keer.
Hangt er een rare sfeer.
En zit de lucht vol teer en smeer.
Maar ze vallen altijd neer.
Ze zullen de grond steeds raken.

De wind zal altijd zachtjes waaien.
Ook al is er nergens lucht.
Komt uit niemand meer een zucht.
Gaat de tijd in vogelvlucht.
Is de aarde een gehucht.
Is iedereen besmeurd met hebzucht.
Altijd zal de zachte wind waaien.

En de vlammen zullen branden.
Ook al hebben ze geen kleur.
Heeft de wind een slecht humeur.
Is de wereld groot gezeur.
En iedereen in mineur.
Is er nergens meer een geur.
Branden zullen duizend vlammen.